Het Dal van de Mosbeek is een onderdeel van het ruim 1300 hectare grote, niet-aaneengesloten Natura 2000-gebied Springendal – Dal van de Mosbeek. De heuvelruggen, erosiedalen, beken en kalkrijke bronnen op de stuwwal van Ootmarsum zijn het leefgebied van veel kwetsbare planten en dieren. Op allerlei plekken worden natuurherstelmaatregelen uitgevoerd. In 2026 gebeurt dit in het Dal van de Mosbeek. De ingrepen gebeuren zowel op grond van Landschap Overijssel als daarbuiten.
De werkzaamheden zijn erop gericht om het beekdal natter, natuurlijker en minder voedselrijk te maken, zodat de kwetsbare bronbossen, natte hooilanden, heide en beeknatuur zich kunnen herstellen.
Wat gebeurt er?
Delen van Mosbeek worden ondieper gemaakt en/of krijgen een nieuwe vorm, zodat het waterpeil stijgt en het water minder hard stroomt. Hierdoor stijgt ook de grondwaterstand in het dal, wat cruciaal is voor veel van de omliggende natuur. Langs de beek worden soms bomen gekapt, inheemse soorten toegevoegd en hakhoutbeheer uitgevoerd om het (broek)bos minder zuur en soortenrijker te maken. Buiten het natuurgebied worden er sloten gedicht en drainagebuizen verwijderd om de waterhuishouding in het dal duurzaam te herstellen. Daarnaast wijzigt de bemesting en het gebruik van bepaalde landbouwpercelen, om ook de water- en bodemkwaliteit te verbeteren.
“Bijna alle vegetatie hier is extreem gevoelig voor de juiste waterstand.”
Nieuwe poelen
Naast deze grootschalige werkzaamheden, wordt aan de oostkant van het gebied nog een klein maar zeer belangrijk ‘klusje’ gedaan. Hier komen nog twee nieuwe poelen voor kamsalamanders zodat de populatie op de Manderheide die in het Dal van de Mosbeek kan bereiken, en omgekeerd natuurlijk. Fase 2 eindigt met het plaatsen van nieuwe rasters en hekken in het gebied voor de heidekoeien, en twee extra menpoorten. Deze vind je op de kruising Streuweg/Uelserweg en Streuweg/klootschietbaan en is bestemd voor ruiters en koetsiers.
De uitvoering van fase 3 is voorzien in 2023-2024. Dan wordt een laatste stuk van het gebied - aan de oostzijde - geschikt gemaakt voor heideontwikkeling.
Historisch landschap en uniek natuurgebied
De oudste tekenen van bewoning op de Manderheide stammen uit de prehistorie. Tussen 4.000 en 3.100 voor Christus vestigden zich er boerengemeenschappen die stukken bos in cultuur brachten. In de loop van de eeuwen daarna kreeg de Manderheide langzaam haar huidige verschijningsvorm: bos, heide, natuurakkertjes, jeneverbessenstruwelen en de bekende cirkels van Jannink. Er leven allerlei bijzondere planten en dieren, zoals het zeldzame vliegend hert, de kamsalamander en duivelsnaaigaren.
Het afwisselende heidelandschap van de Manderheide wordt bedreigd door verdroging, verzuring en stikstofneerslag. De heide is zo versnipperd en klein geworden dat ze - zonder ingrijpen - volledig zal verdwijnen. De Natura 2000-werkzaamheden hebben als doel de Manderheide weer robuust en vitaal te maken. Daarvoor gebeuren de volgende dingen:
- uitbreiden van de totale heideoppervlakte
- verbinden van de bestaande stukjes heide
- verjongen van het jeneverbesstruweel
- ontwikkelen van schraal grasland
- uitbreiden van blauwgraslanden
- versterken van de populaties van het vliegend hert en de kamsalamander
Inrichtingsplan Natura 2000 Manderheide
In 2017-2018 is is het inrichtingsplan in goed overleg uitgewerkt met alle direct betrokken partijen, waaronder een groot aantal particuliere grondeigenaren. Nadat het concept plan was opgeleverd, ontstonden er bij bewoners in de omgeving zorgen over het plaatsmaken van bos voor heide. Het definitieve inrichtingsplan is vervolgens aangepast. De werkzaamheden worden niet in één keer, maar in drie fasen uitgevoerd. En er worden niet meer ingrepen gedaan dan de strikt noodzakelijke om de Natura 2000-doelen te behalen. Monitoren en meten van de effecten moet dit in de toekomst duidelijk maken.
Waarom zaagt Landschap Overijssel in Natura 2000-gebieden bomen om, terwijl in de strijd tegen klimaatverandering iedere boom telt?